Citymarketing

On 26 maart 2014, in politiek, by Zef Hemel

Gelezen in Het Parool van 25 maart 2014:

Over citymarketing gesproken. Het evenement kostte 26 miljoen euro, er waren 3000 journalisten uit de hele wereld. Tijdens de nucleaire top sprak de koning ’s avonds aan het banket tegenover zijn gasten – regeringsleiders uit meer dan vijftig landen – over Den Haag als ‘de belangrijkste stad van recht en vrede’ in de wereld. En de Haagse burgemeester liet zichzelf met de Amerikaanse president fotograferen voor ‘Victory Boogie Woogie’ van Mondriaan in het Haagse Gemeentemuseum. De kroon spande Amsterdam met een toespraak van Barack Obama met ‘De Nachtwacht’ van Rembrandt in het Rijksmuseum op de achtergrond. Arm Den Haag. Daar kon geen Mondriaan tegenop. Die foto ging de hele wereld over, van de voorpagina van The New York Times en de Frankfurter Allgemeine tot The Times en USA Today. Le Figaro meende zelfs dat Obama bewust zijn boodschap aan de Russische president over de Oekraïne voor De Nachtwacht had uitgesproken, “een schilderij dat de kracht van de vrije samenleving uitstraalt” met “een groep vereende en vastberaden schutters.” Noem het geraffineerde citymarketing vermengd met een vleugje wereldpolitiek.

‘s Ochtends vroeg was de Amerikaanse president gearriveerd op Schiphol en van daaruit rechtstreeks met een helikopter over Amsterdam Nieuw-West naar het Museumplein overgebracht. Het was schitterend weer, met een heldere hemel. Als er niet zoveel helikopters waren meegevlogen, had het op een kidnapping geleken, die op slinkse wijze was uitgevoerd door Amsterdam. De premier en de burgemeester wachtten hem op. Maar het mooiste zou nog komen. Zo rond 11.00 uur, nadat Barack Obama het vernieuwde Rijksmuseum had verlaten, had men de president weer in de helikopter gehesen en richting Den Haag vervoerd. De vlucht voerde langs de Stadhouderskade tot aan het Weesperplein – via een omweg dus, vermoedelijk om het Schipholverkeer te ontwijken – alwaar de president, mits hij aan de linkerkant van het toestel heeft gezeten, een schitterend zicht werd geboden op de zeventiende eeuwse grachtengordel met het IJ op de achtergrond. Bloedmooie stedenbouw. En daarna zag hij de Randstad in volle glorie. Daar kan geen Frau Antje tegenop.

Tagged with:
 

Niemandsland

On 24 maart 2014, in politiek, by Zef Hemel

Gelezen in NRC Handelsblad van 20 maart 2014:

 
De crisis werkt nu ook door in de politiek. ‘Grote verschuivingen in het politieke landschap’ kopte NRC Handelsblad daags na de gemeenteraadsverkiezingen. Welke verschuivingen? De krant doelde op de val van de PvdA, die ze als ‘historisch’ omschreef. Maar wat komt achter die val tevoorschijn? Twee kaarten van Nederland prijkten op de voorpagina (geografie wordt weer politiek relevant!). Daarop viel iets heel anders te lezen. Eerst dit. Wat vooral opviel waren de enorme afmetingen van de gemeenten in het noorden, oosten en zuiden van het land, tegenover de veelal nog kleine gemeenten in het westen, rond de grote steden. De gemeentelijke herindeling van het Ministerie van Binnenlandse Zaken, op veilige afstand van de grote steden zich voltrekkend, tekent zich steeds scherper af. Het effect hiervan? Lokale partijen marcheren op. Dit gaat vooral ten koste van het CDA. En de PvdA? Die is zelfs uit de grote steden verdwenen. In en rond Amsterdam triomferen nu VVD en D66.

De politieke revolutie van Nederland waar wij getuige van zijn, begon in de suburbs. Daar ontstond al vroeg een ideale voedingsbodem voor VVD, SP, GPV en PVV. De door de Nederlandse staat geleide suburbanisatie – eerst de overloop, het spreidingsbeleid, later de VINEX-operatie – heeft van Nederland een overwegend seculier-conservatief land gemaakt van forenzende woonconsumenten in een dunbevolkt niemandsland. Dit verdunde niemandsland is bewust gecreëerd, met actief ruimtelijke ordeningsbeleid. In de zogenaamde Noordvleugel van de Randstad – binnenduinrand, Gooi en Utrechtse Heuvelrug tot aan Arnhem toe (zie kaart) – zien we dit weerspiegeld in een welvarend burgerlijk milieu van tuinsteden en tuindorpen waar hoogopgeleide mensen verlicht-liberaal stemmen: ideaal voor VVD en D66. Alleen staatsonderneming Almere wijkt hiervan af. De rest van Nederland – een amorf landschap van VINEX-wijken in lage dichtheden – stemt nu conservatief, populistisch tot ultra-conservatief. In al die streken hebben de mensen veel te verliezen. Als optimistische eilanden in dit pessimistische landschap liggen de universiteitssteden met hun relatief jonge bevolking van ‘nieuwe stedelingen’, met een energieke mix van D66 en GroenLinks. Open versus gesloten. Het grootste eiland is Amsterdam, met binnen de ring A10 een extreme concentratie vrijzinnigheid. Een ideale voedingsbodem voor politieke nieuwe Wibauten.

Tagged with:
 

Fijnstof

On 18 maart 2014, in duurzaamheid, politiek, by Zef Hemel

Gelezen in NRC Handelsblad van 14 maart 2014:

Niet alleen in de Nederlandse steden worden verkiezingen gehouden. Het stemmen gebeurt binnenkort ook in Parijs. Twee recente berichten over de Franse hoofdstad: ‘Gratis openbaar vervoer Parijs na extreme luchtvervuiling’ en ‘De nieuwe burgemeester wordt zeker een vrouw’. Om met het laatste te beginnen: in de strijd om het burgemeesterschap van Parijs strijden vooral twee vrouwen. Het zijn Nathalie Kosciusko-Morizot  alias NKM (40) en Anne Hidalgo (54). De ene is oud-milieuminister, de ander socialistische wethouder van Parijs. Anders dan in Nederland draait de verkiezingsstrijd in Parijs om echte grote kwesties: woningnood, veiligheid en verkeerscongestie. Hidalgo lijkt te gaan winnen. Ondertussen kampt Parijs met de ergste luchtvervuiling ooit. Door het zonnige weer, de warme dagen en de koude nachten met weinig wind is de hoeveelheid fijnstofdeeltjes in de lucht boven Parijs tot levensgevaarlijke proporties toegenomen. Boosdoener zijn vooral de auto’s met hun dieselmotoren. Al enige jaren voert Parijs een streng beleid om auto’s uit de stad te weren. Naar nu blijkt tevergeefs.

Zittend burgemeester Delanoë en zijn wethouder Hidalgo hebben afgelopen week het deelfietsensysteem ‘Vélib’ gratis gemaakt. Ook het elektrische programma ‘Autolib’ is tijdelijk kosteloos voor de bewoners. Op de Périphérique – de rondweg om Parijs – is de maximum snelheid verlaagd naar 60 kilometer per uur. Voorts kunnen de inwoners van Groot-Parijs drie dagen lang gratis gebruik maken van alle openbaar vervoer. Want minder dan de helft van de Parijzenaars heeft een auto: het zijn de forensen van buiten die de stad belagen met hun met dieselmotoren gewapende voertuigen. Het zijn drastische maatregelen, maar ze geven aan wat de autoriteiten eigenlijk zouden moeten doen om de lucht boven miljoenenstad Parijs schoon te krijgen: het autoverkeer nog veel drastischer terugdringen, het fietsen actiever bevorderen en het openbaar vervoer meer stimuleren door het (bijna) kosteloos te maken. Hun maatregelen tot nog toe schoten te kort. Het vraagstuk van de schone lucht zal zeker de inzet worden van de lokale verkiezingsstrijd. Wie er gaat winnen weten we niet. Dat een vrouw het schone werk zal moeten doen is wel duidelijk. Alles draait om duurzaamheid. En het gebeurt dus in metropolen.

Tagged with:
 

Amsterdam Lezing #6

On 16 maart 2014, in wetenschap, by Zef Hemel

Gelezen in de Volkskrant van 27 januari 2014:

Komende week vindt in Den Haag de Nuclear Security Summit 2014 plaats. Het hele randstedelijke complex zal twee dagen stilvallen om ruimte te bieden aan de 58 (57?) regeringsleiders uit de hele wereld met hun uitgebreide gevolg. Want niet alleen de stad Den Haag, als ‘internationale stad van recht en vrede’, zal als gastheer voor de vijfduizend delegatieleden in deze top optreden. Ook luchthaven Schiphol, Noordwijk en Amsterdam zijn nauw betrokken, immers deze logistieke en veiligheidsoperatie kent zijn gelijke niet. Overal verblijven delegaties in zwaar beveiligde hotels, tussen hotels, conferentieoord en luchthaven zal voortdurend worden gependeld.  Hoogtepunt wordt waarschijnlijk het bezoek van de Amerikaanse president aan het Amsterdamse Rijksmuseum. Barack Obama was het die de aanzet gaf tot de nucleaire veiligheidstop. Ziedaar de logica van de Randstad: tussen de steden achter de strandwal langs de Noordzeekust bestaat al een eeuwenoud verband dat opnieuw zijn kracht en betekenis zal bewijzen.

Aan de vooravond van de top zal Ernst Hirst Ballin, hoogleraar Rechten van de mens aan de Universiteit van Amsterdam, de zesde Amsterdam Lezing uitspreken over het thema ‘Amsterdam als kennisstad van het recht’. Het moment is goed gekozen. Want wie gedacht had dat alleen Den Haag het predicaat ‘stad van recht en vrede’ verdient heeft het mis. Ook hier toont zich de ruimtelijke samenhang tussen de steden van de Randstad. Zeker, Hugo de Groot was afkomstig uit Den Haag en als denker voor het internationale zeerecht buitengewoon belangrijk. Hirst Ballin echter dicht Amsterdam een even grote historische rol toe als het gaat om internationaal recht en het denken over vreedzaam samenleven van de mensheid. In het voorgesprek dat ik met hem had noemde hij Tobias Asser. Asser was het die in 1911 de Nobelprijs voor de vrede won. Vanaf 1862 was Asser hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam (het toenmalige Athenaeum Illustre). De Nobelprijswinnaar speelde een bepalende rol bij het tot stand komen van het Permanente Hof van Arbitrage op de eerste Haagse vredesconferentie in 1899. In 1904 werd hij benoemd tot minister van staat. Hirsch Ballin zal spreken over ‘confrontatie met achterstelling naar inspiratie voor vreedzaam samenleven’, over Tobias Asser en over Amsterdam als kennisstad van het recht. Aanmelden kan op www.uva.nl

Tagged with:
 

Vector van de toekomst

On 12 maart 2014, in internationaal, politiek, by Zef Hemel

Gelezen in NRC Handelsblad van 8 februari 2014:


Nu nog heeft de Russische president Poetin de handen vol aan de Oekraïne, maar eigenlijk wil hij naar het oosten. Dat maakte ik althans op uit een artikel van de hand van Hubert Smeets in NRC Handelsblad. Terwijl de jonge bewoners uit oostelijk gelegen steden als Omsk, Novosibirsk, Tomsk, Kazan en Oefa onverminderd naar Moskou trekken, wil de president juist investeren in de economie en de steden van Siberië en Centraal-Azië. Liever in de richting van China dan van Europa zoekt hij vriendschappen en handelsbetrekkingen. Smeets: "President Poetin heeft zijn kaarten gezet op China en andere economische grootmachten aan de Stille Oceaan. In die richting wijst de ‘vector van de toekomst’, zei hij veertien maanden geleden voor het eerst in zijn jaarlijkse troonrede.” Hoofdkantoren van grote Russische ondernemingen die nu nog overwegend gevestigd zijn in Moskou, dicht bij de centrale macht, zullen worden overgebracht naar het oosten.  Tot 2030 zal in die contreien voor een bedrag van 70 miljard euro worden geïnvesteerd. Gaat Poetin bedrijven als Gazprom, Spoorwegen en Spaarbanken inderdaad dwingen om te verhuizen?

Over drie weken begin ik op de Universiteit van Amsterdam een nieuwe serie colleges over Moskou. In ‘Cities in Transition’ onderzoeken studenten Urban Studies zes weken lang de groei, transformatie en planning van de Russische hoofdstad in groot verband. Robert Argenbright van de University of Utah schreef in ‘Moscow on the rise: from primate city to megaregion’ (2013) hoe Moskou zich ontworstelde aan het naoorlogse idee van het kerngebied van het autarkische Sovjetimperium – de zogenaamde Wolga-Baikal zone – en hoe de westelijk daarvan gelegen stad na 1991 alle groei aan zich trok. Juist naar het westen trekt op dit moment alle groei en werkgelegenheid binnen de immense Russische federatie, of liever: naar Moskou. Zelfs Sint Petersburg verliest bevolking aan de Russische hoofdstad. "Moscow has eclipsed Saint Petersburg as Russia’s ‘Window on the West’ – and on the rest of the world as well," schrijft Argenbright. Bijna veertig procent van de hoogopgeleide Russen woont en werkt op dit moment al in de hoofdstad. Kennelijk wil de president deze overconcentratie tegengaan door in het verre oosten nieuwe brandpunten te creëren. Maar zal het hem lukken?

Tagged with:
 

Visieloos

On 20 februari 2014, in politiek, by Zef Hemel

Gelezen in de Volkskrant van 10 februari 2014:

D66 Amsterdam stopt met het maken van een verkiezingsprogramma. In Desmet studio toonde lijsttrekker Jan Paternotte aan de verzamelde leden op zaterdag 8 februari een leeg velletje A4. De partij laat bewoners en ondernemers voortaan zelf de problemen bepalen, was de stelling. Paternotte vindt het door een partijapparaat benoemen van problemen, daarna een oplossing bedenken en die oplossing vervolgens omzetten in beleid een volstrekt achterhaalde vorm van politiek bedrijven. “Het is iets uit de 20ste eeuw. Zo van: wij, politici, zullen wel even bepalen wat voor problemen jullie, burgers, allemaal hebben. Dat kan niet meer in deze tijd.” De poging van Paternotte om de politiek fundamenteel te vernieuwen en verder te democratiseren ontmoette echter allerminst bijval bij de democraten in de zaal. In de Volkskrant las ik dat de aanwezigen hun lijsttrekker vooral verweten visieloos te zijn. Waarop Paternotte zou hebben geantwoord: “Als u ons gebrek aan visie ziet als een probleem, dan gaan wij daar wat aan doen.”

Het betrof een grap van De Speld. Niettemin, het nieuws herinnerde me aan de avond van D66 in de Vrijstaat Amsterdam, oktober 2009. Het was een van de negenentwintig avonden over de toekomst van Amsterdam die door de genodigden – in dit geval D66 – zelf konden worden geprogrammeerd. In plaats van een programma organiseerde de partij een quiz voor de stampvolle zaal, met de vloer als speelveld. Quizmaster Sebastiaan Capel verkondigde een stelling, waarop de aanwezigen telkens moesten reageren met ‘voor’ of ‘tegen’; iedereen diende zich dan met een krukje naar de zaalhelft van keuze te bewegen. Het was, herinner ik me, een vrolijke toestand, waarbij iedereen goed op iedereen lette. Wat vind jij? Wat vindt de meerderheid? En inderdaad, ook daar ontbrak de visie. Pijnlijk? Nee, want in de loop van de avond ontstond toch iets van een gezamenlijk toekomstbeeld. De visie ontstond als het ware ter plekke. Nu valt er op stemmen heel wat af te dingen. Maar de vrolijkheid en deelname van iedereen werkte aanstekelijk. Paternotte weet dus wat hem te doen staat.

Tagged with:
 

De oude en de nieuwe wereld

On 18 februari 2014, in bestuur, politiek, by Zef Hemel

Gehoord in de Zuiderkerk te Amsterdam op 13 februari 2014:


Hij zat vast in het verkeer. Daarom was hij iets later. Hij moest er even inkomen, maar toen hij eenmaal begon ontwikkelde hij stoom en kracht. Ach, hij had het al zo vaak gezegd: we leven in een kantelperiode. Samenleving, technologie en economie veranderen, alle drie tegelijkertijd. Dat gebeurt zelden in de geschiedenis. Aan het woord: Jan Rotmans, hoogleraar Transitiekunde aan de Erasmus Universiteit te Rotterdam. Rotmans sprak afgelopen week de Zuiderkerklezing in Amsterdam. De oude wereld, zei hij, was ooit verticaal, centraal en top-down geordend. Ze wordt nu horizontaal, decentraal en bottom-up. Een totale omkering. De instituties begrijpen het alleen nog niet; zij leven nog in de oude wereld. Maar die is hopeloos vastgelopen. Immers, onze economie is verspillend, mensen staan in dienst van de instituties in plaats van andersom, optimalisering en efficiency domineren en leiden tot vervreemding. Mensen gaan daarom zelf aan de slag, omdat ze de instituties niet meer vertrouwen. De macht verschuift van overheid naar burger. Definitief. ‘Samen-zelfredzaam’ wordt normaal.

Wat betekent dit voor steden? Rotmans meende dat steden organismen zijn die zichzelf heel goed kunnen redden. De lokale overheid stuurt daarom veel te zwaar. "Niet sturen is helemaal niet slecht voor steden. Probeer het maar eens." Alle vernieuwing, zei hij, begint met experimenteren. Kunstenaars zijn ons voorbeeld; hun vrijheid hebben wij ook nodig. Er moet veel meer ruimte komen voor initiatieven van onderop. En alles moet weer veel dichter bij de mensen worden georganiseerd. Het perspectief van mensen is holistisch. Beleid moet daarom licht en holistisch zijn, met oog voor de menselijke maat. Alle succesvolle steden volgen deze beweging, stelde hij, en ze houden hieraan vast. Hieruit, beloofde hij, zal weer een nieuw soort solidariteit voortkomen, geen tweedeling. Hij riep daarom het lokale bestuur en haar ambtenaren op niet meer alles te willen organiseren, maar vooral mogelijk te maken dat mensen het zelf doen. Dat zoiets moeilijk is gaf hij toe, zeker als je denkt steeds het initiatief te moeten nemen en meent de oplossing voor het probleem al te weten. Doe het niet. Doe eens een tijdje helemaal niets. Denk na en bespiegel en kijk wat er dan gebeurt. Dat zei hij tegen al die verzamelde ambtenaren. Geestig. Indrukwekkend.

Tagged with:
 

Dure bezuiniging

On 20 januari 2014, in boeken, politiek, ruimtelijke ordening, by Zef Hemel

Gelezen in ‘Planning Chicago’ (2013) van D. Bradford Hunt en Jon DeVries:

Werd door de redactie van S&RO gevraagd een recensie te schrijven van ‘Planning Chicago’. Las ter voorbereiding een interview met de auteurs, Bradford Hunt en Jon DeVries, verbonden aan Roosevelt University in Chicago, gepubliceerd op Planetizen 10 april 2013. Hun boek, 340 bladzijden dik, gaat over de naoorlogse planningsgeschiedenis van Chicago, de twee na grootste stad van de Verenigde Staten. De industriële ‘Windy City’ gedraagt zich als het Rotterdam van de USA. Ze voelt zich al jaren eeuwige tweede, zeker op dit moment. New York, in de jaren tachtig verlost van haar haven, heeft de omslag naar de postindustriële tijd succesvol weten te maken, maar van Chicago kun je dat niet zeggen. Wel gaat het de laatste jaren beter met de stad en er komen weer meer toeristen. Het prachtige Millennium Park in het centrum staat symbool voor deze wederopstanding. Maar voor Bradford Hunt en DeVries is dat allemaal twijfelachtig. Hun analyse steekt dieper: het ontbreekt de stad aan een langetermijnvisie en ze heeft geen eigen planningsapparaat meer dat ruimtelijk kan sturen. De Dienst Ruimtelijke Ordening werd in januari 2011 afgeschaft.

Wat hiervan de consequentie is, illustreren de auteurs in het interview fijntjes aan de hand van het zo bejubelde Millennium Park. Het park, zeggen ze, is in werkelijkheid de voltooiing van het honderd jaar oude plan van Daniel Burnham, dus het gaat terug op de tijd dat de stad nog planmatig opereerde. In werkelijkheid verliep de totstandkoming van het park chaotisch. Het was een opeenstapeling van blunders. Hunt: “It started being built as a parking garage, and portions had to be rebuilt when they decided that it would be topped with art. It was a chaotic implementation of the last piece of the Burnham Plan.” De schrijvers hopen dat wordt onderkend dat dit soort kostbare problemen voortkomen uit een gebrek aan publieke ruimtelijke ordening. “Frankly, a lot of cities have seen planning as one of those places where they can cut budgets.” (De situatie deed me denken aan de kwestie van het Rotterdamse Museumpark). De nieuwe burgemeester van Chicago Emmanuel is een sluwe vos, maar zijn groene dakenoffensief is louter symbolisch en zijn politiek is die van de korte termijn, aldus de twee. Daarom waarschuwen ze. De stad die op zijn Dienst Ruimtelijke Ordening bezuinigt zal op den duur geconfronteerd worden met hele grote problemen. Hunt: “It will lead to some expensive decisions in the long term".</

Tagged with:
 

Politiek laboratorium

On 2 januari 2014, in politiek, by Zef Hemel

Gelezen in The Economist van 9 november 2013:

Kijk, kijk. De inauguratie van de nieuwe burgemeester van New York, Bill de Blasio, werd op 1 januari 2014 zowaar uitgezonden op de nationale televisie. Voor het eerst ooit brachten Amerikaanse nationale zenders een degelijk evenement live in beeld. Tot nu toe was dit voorbehouden aan Amerikaanse presidenten. Het tekent de zwakte van Washington als politiek centrum en de groeiende betekenis van metropolen als politieke entiteiten wereldwijd, zeker als ze Wall Street binnen hun grenzen hebben. Zo werd door de media ook het aantreden van De Blasio gezien: als een gewaagd politiek experiment, en de stad New York als niet minder dan een ‘politiek laboratorium’. De verlamming die is toegeslagen in de belangrijkste natie-staat ter wereld wordt in Amerika ruimschoots gecompenseerd door grote dynamiek en daadkracht in haar grote steden. Na het tijdperk-Bloomberg, waarin de grootste stad van Amerika stad werd gerund als een bedrijf – ‘make government work like business’ -, is het nu aan de linkse politiek om de New Yorkse samenleving duurzamer, welvarender en rechtvaardiger te maken.

Wat zijn de onderwerpen waar de buurtwerker en voormalig ombudsman De Blasio op scoort? Ongelijkheid, extreme rijkdom versus snel groeiende armoede (ook wel: de wegvallende middenklasse) en willekeur in het optreden van de politie. Daar wil de nieuwe burgemeester iets aan doen. In zijn rede ‘A Tale of Two Cities’ zette hij de schrijnende tegenstelling tussen het rijke New York van Bloomberg – de plutocraten – tegenover het arme New York van de migranten en werklozen. Terwijl de Big Apple redelijk economisch succesvol is, zijn het vooral de vastgoedprijzen en de woonkosten die skyhigh stijgen. Hierdoor vallen steeds meer mensen buiten de boot en worden verdreven. De cijfers: in 2001 telde New York 8,1 miljoen inwoners, in 2013 is dat 8,3 miljoen. Het deel van de bevolking dat onder de armoedegrens leeft is eveneens gegroeid, maar percentueel constant gebleven: 21,2 procent. De werkloosheid is in de twaalf jaar Bloomberg opgelopen van 7,6 procent naar 8,6 procent. De omvang van de stedelijke economie is in die tien jaar licht afgenomen, van 513,7 miljard dollar naar 509,4. De Blasio wil via lokale belastingheffing de lokale ongelijkheid bestrijden. Wordt hem dat gegund? De redactie van The Economist moet het nog zien. Maar die van The Washington Post neemt De Blasio serieus. ‘“There’s a progressive movement in this country that’s having a real effect,” he says, adding that “the inequalities we’re facing are becoming just fundamentally unacceptable.” De Blasio is right about that’. De krant verwacht geen loochening, wel een duidelijke koerscorrectie. Iedereen zal de komende tijd op New York letten. Al was het maar omdat een sneeuwstorm de stad bedreigt.

Tagged with:
 

Stedelijke laboratoria

On 3 december 2013, in geschiedenis, politiek, stedenbouw, by Zef Hemel

Gelezen in ‘Iron Curtain’ (2012) van Anne Applebaum:

In het magistrale ‘Iron Curtain. The Crushing of Eastern Europe’ besteedt Anne Applebaum relatief veel aandacht aan steden. Hoofdstuk 15 is zelfs helemaal gewijd aan ‘Ideal Cities’. Deze ideaalsteden werden in Oost Europa door de communisten direct na de Tweede Wereldoorlog gebouwd: Nova Huta in Polen, Stalinvaros in Hongarije en Eisenhüttenstadt in Oost-Duitsland. Vooral Russische planologen bemoeiden zich met de plek en opbouw van de nederzettingen, die rond gigantische staalbedrijven werden opgetrokken en die uitdrukkelijk symbool kwamen te staan voor de creatie van een totalitaire samenleving. Het was een samenleving waarin hoofdzakelijk voor de wapenindustrie werd geproduceerd en waarin de staat het absolute middelpunt vormde. “In these brand-new communities, traditional organizations and institutions would have no sway, old habits would not hinder progress and communist organizations would exert enormous influence over young people because there weren’t any others.” De nieuwe steden werden beschouwd als de ‘laboratoria van een toekomstige maatschappij’.

Ook de architectuur van de nieuwe steden was overwegend politiek, door de overheid topdown gestuurd: een socialistisch-realistische architectuur die dictator Stalin voorstond. De verwachtingen waren hoog gespannen en die verwachtingen werden door de lokale autoriteiten steeds verder opgevoerd, aldus Applebaum. De eerste bouwjaren overtroffen inderdaad alle prognoses, want de bevolking groeide snel. Applebaum: “In any developing country such rapid growth was guaranteed to bring chaos, disorganization, mistakes and worse. And so it did.” En dan volgt een beschrijving van tal van fouten in de nieuwe steden in opbouw, met deze conclusie: “Rapid development often leads to these kind of mistakes and failures in poor countries. But in the new socialist cities the gap between the utopian propaganda and the sometimes catastrophic reality of daily life was so wide that the communist parties scrambled constantly to explain it away.” Terwijl het enthousiasme daarna snel wegebde, verdween ook de utopische droom van de socialistische stad achter de horizon. Uiteindelijk zouden Nova Huta en andere nieuwe steden symbool komen te staan voor het failliet van de totalitaire staat: ‘failed planning, failed architecture, a failed utopian dream.

Tagged with: