Silicon Roundabout

On 7 november 2014, in economie, innovatie, by Zef Hemel

Gelezen in The Guardian van 10 maart 2014:

Iemand zei me laatst dat Londen goed bezig is nu het een Tech City aan het ontwikkelen is, een heus ecosysteem waarin startups in de Britse metropool kunnen gedijen. Amsterdam zou dat ook moeten doen. Hij bedoelde Silicon Roundabout, een deel van Shoreditch dat een paar jaar geleden voorwerp werd van de Tech City Strategy van het Londense gemeentebestuur en de Britse regering. Kort na 2000 was dit inderdaad het gebied in Oost-Londen waar kleine startups gevestigd waren. Maar nu niet meer. In ‘The slow death of Silicon Roundabout’ beschrijft Cory Doctorow, zelf inwoner van de buurt, hoe de overheid vakkundig een einde maakte aan het levendige milieu van internetpioniers van Shoreditch door het als zodanig te gaan promoten. Maar eerst de naam. Die werd in 2008 gemunt door Matt Biddulph, zelf in de buurt woonachtig en eigenaar van Dopplr. "If this goes on, some awful estate agent will start calling us Silicon Roundabout," zei hij ooit. Zelf deden hij en zijn vrienden er lacherig over, maar de gemeente maakte het tot een ernstige zaak, een doel, een missie.

Startups, schrijft Doctorow, zijn vreemde vogels. "Most of them fail." En als ze al succesvol zijn, dan vergeten ze het liefst al hun eerdere mislukkingen. "They are fizzy." Het patroon is als volgt: de jongeren werken voor een startup die mislukt, met een collega gaan ze aan de slag bij een ander; dit doen ze een aantal keren tot ze ergens hun vrienden treffen; met hen beginnen ze vervolgens hun eigen startup. "Almost everything that startups do comes to nothing." Maar overheden duiken erop alsof het allemaal succesverhalen zijn. En zo werd Silicon Roundabout geboren. Daar tref je nu ‘incubators’ met mooie bureaus. De gemeente, aldus Doctorow, is niet geïnteresseerd in vreemde vogels die broeden in goedkope, kleine leegstaande kantoren. In zijn straat gingen de goedkope panden zelfs tegen de vlakte om plaats te maken voor studentenhuisvesting. Internationale studenten, wel te verstaan. De gemeente handhaaft niet. Het enige dat economisch groeit in Shoreditch zijn de makelaars en aannemers."The startups that gave it its ridiculous name are gone."

Tagged with:
 

Rich non-doms

On 24 oktober 2014, in economie, wonen, by Zef Hemel

Gehoord in Londen op 15 oktober 2014:

Resi demand e c harris

Heb vorige week een lezing over Amsterdam gegeven op de Inaugural Cities 2014-conferentie van Marketforce. Locatie: 1 Whitehall Place, Londen. Er waren veel burgemeesters en wethouders van Britse steden aanwezig: Bristol, Leeds, Glasgow, Newham, Peterborough, Cambridge, Sunderland, Plymouth, Stoke-on-Trent. Geen spoor van een economische crisis in Groot-Brittannië. De (leen)economie draait hier weer op volle toeren; die doet het zelfs beter dan die van Duitsland. Het voedt hier ook het politieke idee om de Europese Unie dan maar te verlaten. Dat het Verenigd Koninkrijk het economisch zo goed doet heeft twee duidelijke redenen: ze heeft een eigen munteenheid en ze heeft Londen. Door de Engelse pond kan de Britse economie veel sneller reageren op schommelingen in de wereldeconomie. En met het financiële centrum Londen heeft het land een enorme economische motor in huis waar het hele eilandenrijk sterk van profiteert.

En dat het goed gaat met Londen moge duidelijk zijn! Afgelopen week werd bekend dat in de Britse metropool een bizar aantal luxueuze appartementen in aanbouw is genomen. De waarde ervan wordt geschat op in totaal 60 miljard Britse ponden, een groei van 20 procent ten opzichte van 2013. In de planning staan nog eens 25.000 luxe appartementen. Volgens EC Harris zal echter vijftig procent vertraagd of helemaal niet worden opgeleverd. Er is namelijk een groot tekort aan bouwvakkers. “Developers in London are starting to dig deep and pay premiums to contractors in a race to get schemes built while demand remains high.” Anders gezegd: “There is simply not the capacity out there to meet demand.” Dat geeft wel aan dat men de crisis hier ver voorbij is. Is het een probleem? De gewone Brit ligt er niet wakker van. Die kan zelf geen woning in Londen bemachtigen. Wat er te huur of te koop staat is voor hem of haar veel te duur. Dus waarom treuren om al die dure nieuwe condo’s die niet of sterk vertraagd gebouwd worden? In de Time Out London las ik: “Great. Now where are rich non-doms meant to buy for the purpose of not living, huh?”Rich non-doms, die kende ik nog niet.

Tagged with:
 

More of less autonomy?

On 20 oktober 2014, in bestuur, duurzaamheid, by Zef Hemel

Gelezen in Het Parool van 10 oktober 2014:

Boris Johnson

Niet alleen Hongkong, ook Londen wil meer zeggenschap over haar eigen toekomst. Ik las het in Het Parool van 10 oktober jongstleden. Daarin werd gemeld dat burgemeester Johnson grotere autonomie voor zijn stad had bepleit. Het gaat hem om grotere zeggenschap over de belastinginkomsten. Op dit moment kan Londen, met tien miljoen inwoners, slechts 7 procent van de totale belastinginkomsten zelf besteden (voor Amsterdam is dit vergelijkbaar). Over de rest beslist het Britse parlement. “De gemeente Londen is in de huidige vorm niets meer dan een tussenstation van de centrale overheid.” Lokale democratie vereist invloed op de publieke middelen. Dat is nu niet het geval. Ook in vergelijking met andere wereldsteden heeft Londen weinig greep op zijn middelen. De grootstedelijke problemen wil het graag zelf oplossen, maar voor alles moet het de hand ophouden bij de regering. Stephen Syrett, hoogleraar aan Middlesex University, is het met de burgemeester eens. Maar, voegt hij eraan toe, “dat geldt ook voor Manchester, Leeds en de andere grote steden. De Britse overheid is erg gecentraliseerd. Dat is niet goed.”

In The Guardian stond diezelfde avond een artikel van de Brits-Amerikaanse socioloog Richard Sennett. Boodschap: “Our urban leaders’ belief in autonomy as the ultimate goal must be unset.” Als we de mondiale problemen als klimaatverandering willen oplossen helpt het denken over autonomie niet erg, stelde Sennett in ‘Why climate change should signal the end of the city-state’ (9 oktober 2014). “I’m not a gloomy pessimist, but I think the seductive idea of a place controlling its own fortunes is out of date.” We moeten, schreef hij, veel meer denken in termen van open systemen. Genetwerkte metropolen zijn een beter, complexer platform voor ons noodzakelijke denken en handelen. De stadstaat komt echt niet meer terug. “The urban challenge we face is how to live more openly, in the sense of adknowledging and coping with disorder.” Sennett heeft gelijk, maar Johnson denkt ook heus niet dat hij de problemen allemaal zelf kan oplossen. Die zijn, zeker in het geval van Londen, gewoon te groot en te complex. Maar het begint wel met meer speelruimte van onderop, dicht bij de realiteit. Alle steden gezamenlijk kunnen de wereld redden. Mits ze er door hun regeringen toe in staat worden gesteld.

Tagged with:
 

Onhandig duur

On 7 oktober 2014, in vastgoed, by Zef Hemel

Gelezen in The Economist van 9 augustus 2014:


London Cranes

Londen is een hele dure stad, wat heet. Londen is bizar duur. Volgens het kapitalisme zou dan flink bijgebouwd moeten worden, want nieuwbouw is profijtelijk en prijzen zullen dan weer dalen. Die nieuwbouw vindt ook wel plaats, maar het is bij lange na niet genoeg. Sterker, ook dat bijbouwen in Londen blijkt heel duur te zijn, vele malen duurder dan in Manchester, Birmingham of zelfs New York. Hierover publiceerde het Londense tijdschrift The Economist afgelopen zomer een verhelderend artikel. In ‘Bodies, bombs and bureaucracy’ werd uitgelegd waarom bouwen in Londen zo schrikbarend duur is: alleen al bij het graven in de Britse metropool wordt van alles aangetroffen: lijken, archeologisch materiaal, bommen uit de tweede wereldoorlog. Dat bijbouwen gebeurt in een middeleeuws patroon van grillige, nauwe straten, op kavels met scheve, vreemde hoeken. Kranen en vrachtwagens kunnen er bijna niet hun werk doen (foto: Londonsnap http://londonsnap.co.uk). Bijna heel centraal Londen is belegd met monumenten en historische stadsgezichten die moeten worden gespaard. Bewoners protesteren bij het minste of geringste. Eigenlijk is bouwen in centraal Londen verschrikkelijk onhandig en, inderdaad, daardoor ook peperduur.

Er wordt veel geklaagd over de Londense bureaucratie en hoe duur het is om bouwvergunningen te krijgen. "Getting approved requires more than mugging up on planning regulations: plenty of rules are unwritten, while political objections can be unpredictable." De ambtenaren doen er juist alles aan om het bouwen in deze krankzinnige omstandigheden mogelijk te maken. Maar hun bemiddeling werkt wel weer kostenverhogend. Hoogbouw in Londen is een vijfde duurder dan in Hongkong of New York, berekende Turner and Townsend. Waarom verlaten de bedrijven niet het centrum van de overkokende metropool als de stad zo krankzinnig duur is en gaan ze bijvoorbeeld niet naar Croydon of verder weg, naar Birmingham? "Office rents and land values are high enough to support even some outrageously complicated projects." Het huren van kantoorruimte in de West End is nu twee keer zo duur als in Madison Avenue in New York. Londen is extreem en dat blijft zo. Het gevolg is dat steeds meer jonge hoogopgeleide Britten emigreren. Nu al wonen er meer dan vijf miljoen Britten in het buitenland. Het afgelopen jaar groeide de jonge uitstroom uit Londen met liefst 8 procent.

Tagged with:
 

Museumeiland

On 30 juni 2014, in cultuur, kunst, by Zef Hemel

Gelezen in NRC Handelsblad van 28 maart 2014:

Afgelopen week beleefden we de heropening van het Mauritshuis in Den Haag. In de krant zag ik een lange rij mensen langs de Hofvijver staan. Zondag bezocht ons gezin de beelden van de Amerikaanse kunstenaar Alexander Calder in de tuin van het Rijksmuseum te Amsterdam. Reusachtige, bijzonder fraaie sculpturen zijn het die met hun felle Mondriaankleuren traag bewegen in de wind; de zwarte daarentegen staan aan de grond genageld. Het was er zonnig en heerlijk druk. In de fietstunnel onder het Rijksmuseum fietsten de mensen vredig af en aan; hier en daar hoorde je een fietsbel klingelen. Na de heropening staat het Rijksmuseum met zijn 2,2 miljoen bezoekers nu op plaats 19 op de ranglijst van meest bezochte musea ter wereld, zo las ik onlangs in NRC Handelsblad. De fietstunnel blijkt helemaal geen probleem, integendeel. Het is het leukste en mooiste fietspad van heel Nederland.

Hoe staat Amsterdam ervoor na de heropening? De ranglijst van steden met wereldwijd de drukst bezochte musea wordt aangevoerd door Parijs met het Louvre: 9,3 miljoen jaarlijkse bezoekers. Daarna volgt Londen (British Museum: 6,7 miljoen), op de derde plaats New York (Metropolitan Museum of Art: 6,2 miljoen). Maar Parijs heeft ook nog Centre Pompidou en Musee d’Orsay in de top 10 staan, Londen de National Gallery en Tate Modern. Bij elkaar opgeteld telt Parijs 16,5 miljoen jaarlijkse bezoekers, Londen nog iets meer: ruim 17 miljoen. Je zou dus kunnen zeggen dat Londen de lijst met de meeste topmusea aanvoert. Dat is toch wel verrassend. Helemaal verrassend is de verschijning van Taipei in de top 10. Haar National Palace Museum ontvangt jaarlijks 4,5 miljoen bezoekers, goed voor een plaats 7. Dat komt vooral door een paar enorme blockbusters die men daar organiseert. In 2013 trok het museum in de hoofdstad van Taiwan liefst 1.007.062 bezoekers met ‘The Western Zhou Dynasty’ en nog eens 921.130 bezoekers met ‘The Lingnan School of Painting’. In Taipei liggen dan ook de kunstschatten van heel China, die door de veelal aristocratische aanhangers van Chiang kai-shek op hun vlucht in 1949 waren meegenomen. Om hun mooiste erfgoed te kunnen zien moeten de miljard mainland-Chinezen tegenwoordig de zee oversteken. Dat doen ze dan ook. Taiwan fungeert voor hen als een museumeiland. O ja, het heropende Stedelijk Museum had niet de moeite genomen om de vragenlijst van Art Newspaper in te vullen.

Tagged with:
 

Ridicuul

On 14 mei 2014, in hoogbouw, by Zef Hemel

Gelezen in Het Parool van 1 februari 2014:

Terwijl Amsterdam nota bene geen enkele hoogbouw meer mag bouwen vanwege de herziening van het zogenaamde Luchthavenindelingbesluit door het Rijk, wordt Londen overspoeld door hoogbouw. “Londen dreigt een soort Abu Dhabi te worden, of Hongkong,” citeerde Het Parool een woordvoerder van een Britse erfgoedorganisatie. Op dit moment staan in de Britse hoofdstad liefst tweehonderd hoogbouwprojecten in de steigers. Nog nooit eerder was de druk om te bouwen in Londen zo groot als op dit moment. Wat nou crisis? Een vertegenwoordiger van New London Architecture wijt het aan kapitaalvlucht naar vastgoed in Londen. De stad wordt als veiliger beschouwd dan de banken van Zwitserland of Cyprus. Maar ook staat Londen met zijn 8,2 miljoen inwoners te boek als metropolitaan en zeer kosmopolitisch. Hoogbouw schiet daarom als paddenstoelen uit de grond. “De beweging van kapitaal heeft een groot effect op de manier waarop we de stad plannen.”

Ten westen van Westminster Bridge, zo lees ik, wordt gewerkt aan een project dat Negen Iepen heet en dat zestienduizend woningen zal tellen. Het kost bij elkaar vijftien miljard pond. Even verderop doemt de Shard  op – een 87 verdiepingen tellend kantoorgebouw. Aan de zuidoever van de Theems wordt bovendien gebouwd aan tientallen flats van meer dan twintig verdiepingen. De prijzen zijn extreem: een appartement met vier slaapkamers bij St. George Wharf kost 19,5 miljoen pond. De verschillen tussen rijk en arm binnen Groot-Brittannië worden tot grote hoogte gevoerd; maar ook tussen Londen en Amsterdam wordt een wig gedreven: waar de een terugzakt naar niveau 2001, schiet de ander omhoog naar 2050. Sinds Saskia Sassen Londen in 1991 als ‘Global City’ typeerde is het alleen maar harder gegaan en Richard Florida deed daarna de rest; zijn Europese berglandschap van creatieve metropolen bevatte op het Britse eilandenrijk een absolute piek. Florida sprak van ‘The Great Reset’, want in de crisis zou blijken welke steden juist hadden gereageerd. In Nederland werd hij destijds geridiculiseerd en weggezet als een nepwetenschapper. Op dit moment echter moet worden erkend dat Amsterdam en zeker de rest van Nederland door Londen totaal wordt voorbijgelopen. En ja, Heathrow ligt op een veilige afstand van Londen. Daar hebben ze geen last van een LIB.

Tagged with:
 

Braindrain

On 4 maart 2014, in economie, by Zef Hemel

Gelezen in NRC Handelsblad van 30 januari 2014:


Nu al een paar keer in de krant gelezen. De economie van Groot Brittannië trekt aan. De voorspelling is dat ze die van Duitsland zelfs zal voorbijstreven, nota bene ook op lange termijn. In 1013 groeide de Britse economie met 1,9 procent. Vrijwel alle sectoren groeiden. De werkloosheid daalde naar 7,1 procent van de beroepsbevolking. Dat is goed nieuws voor de Britten. Nederlanders kunnen er jaloers op zijn. Echter, alle groei in het Verenigd Koninkrijk concentreert zich in en rond Londen. Dertig procent van het bruto binnenlands product van het Verenigd Koninkrijk treft men in en rond Londen aan. Vanzelfsprekend, zou je zeggen. Metropolen genereren welvaart. Maar mensen zijn niet gewend zo te denken. NRC Handelsblad meldde dat de denktank Centre for Cities waarschuwde dat de kloof tussen de metropool aan de Theems en de rest van het land te groot wordt. "Van de commerciële banen die werden gecreëerd, was vier-vijfde in Londen. Voor elke overheidsbaan die er in Londen bijkwam, gingen er in de rest van het land twee verloren."

De Britse denktank schreef dat er een enorme ‘braindrain‘ gaande is vanuit steden als Sheffield, Bristol en Glasgow richting Londen. Het is de dienstensector die daar sterk groeit. Londen is een enorme ‘consumer city’ – een reusachtige lokale economie. Maar met de woningbouw, ook in Londen, wil het maar niet vlotten. Londen wordt dus steeds duurder en dreigt over te koken. Overal in de wereld zien we hetzelfde patroon: een aantal succesvolle metropolen groeit sterk, het platteland en de anders steden krimpen. ‘Success breeds success’. Beleid dat deze ruimtelijke concentratie tegengaat werkt niet. Zou ook onverstandig zijn. Hoe groter de inliggende metropolen, hoe succesvoller de nationale economie. Maar het heeft iets ongemakkelijks. Dat geldt ook voor het relatief kleine Amsterdam. Ook die stad is succesvol. De kloof met de rest van Nederland wordt steeds groter. De duivel schijt op de grote hoop.

Tagged with:
 

In Brussels and beyond

On 24 december 2013, in boeken, filosofie, geschiedenis, by Zef Hemel

Gelezen in ‘Love and Capital’ (2011) van Mary Gabriel:

Wat ik met de kerstdagen zoal lees? ‘Love and Capital. Karl and Jenny Marx and the Birth of a Revolution’, geschreven door Mary Gabriel. Ik kan me geen beter boek voor de donkere feestdagen toewensen. Het speelt in de negentiende eeuw, het leest als een heuse Charles Dickens, het gaat over het leven van Karl Marx, maar dan bezien vanuit het gezichtspunt van zijn vrouw, Jenny von Westphalen. Het is een geschiedenis van een grote liefde die de dood van liefst vier kinderen doorstaat, maar het gaat ook over de intellectuele krachttoer die uiteindelijk leidt tot het schrijven van ‘Das Kapital’ en natuurlijk over een tijdperk van bloedige revoluties die er uiteindelijk toe leidt dat gewone mensen zeggenschap krijgen over hun omgeving. Bovenal is het een boek over de geschiedenis van de negentiende eeuwse metropolen van Europa. Ze prijken alle pontificaal in de inhoudsopgave: Parijs, Londen, Berlijn, Manchester, Brussel en Keulen. Wie van steden houdt kan er niet genoeg van krijgen.

Mooi is hoe Gabriel, die redacteur is bij Reuters in Washington en Londen, de verschillende steden typeert. Het beeld dat zij van het negentiende eeuwse Parijs schetst is misschien wel het meest huiveringwekkend, vooral hoe de enorme stad erbij ligt na de contrarevolutie van zomer 1848 (“Paris bathed in blood”), laat staan na de gruwelijke Parijse Commune van 1871. Je waant je in de voetsporen van Friedrich Engels, die de hoofdstad direct na de totale lamlegging bezoekt. Marx zit dan in Keulen, waar hij de opstand op de voet volgt en deze voor de ‘Neue Rheinische Zeitung’ verslaat. En dan is er het verslag van het bezoek van de jonge Marx en Engels aan Manchester, in 1845. Ze verbleven er anderhalve maand. In dit ‘laboratorium van de industriële wereld’ aanschouwden ze het pure kapitalisme: “Even from a distance, the sprawling marketplace looked and smelled like hell on earth: row upon row of stalls were lit by the smoky red flame of grease lamps, and all that was on offer was the rotting produce and spoiled offal that had been rejected by more prosperous shoppers earlier in the day. Mired in a carpet of mud and swill, it was yet another hideous reminder of the depths to which those who lived in these districts had sunk.” Op elke honderdtwintig mensen was er hooguit één wc in de stad, er waren geen kleuren in het straatbeeld te bekennen, handschoenen, hoeden, petten en sokken ontbraken, mensen droegen eenvoudig papier op hun hoofd tegen de regen. Zelfs schoenen waren een uitzondering; de meeste mannen, vrouwen en kinderen liepen het hele jaar op blote voeten rond. Mensen waren door de machines gedegradeerd tot lompenproletariaat. “The pair returned to Belgium fired up with ideas for radicalizing the workingman in Brussels and beyond.”

Tagged with:
 

Help to build

On 4 december 2013, in wonen, by Zef Hemel

Gelezen in Het Parool van 17 augustus 2013:

Echt recent is het nieuws niet. Het bericht verscheen midden in de zomer, en het euvel is al lang bekend. Het ging over de overspannen woningmarkt van Londen. De Britse regering wordt ervan beschuldigd de woningprijzen in Londen op te drijven door nationaal riskante stimuleringsregelingen voor potentiële huizenkopers aan te bieden: de zogenaamde ‘Help to buy’-regelingen. Daardoor en door de lage rente zou de lokale woningmarkt oververhit zijn geraakt. Prijsstijgingen van twintig procent zijn niet ongebruikelijk. De situatie is nog gekker dan voor de crisis. Echter, er is ook nog eens sprake van een bizarre schaarste op de lokale woningmarkt. Zo zijn er de afgelopen tien jaar nog geen 12.000 woningen bijgebouwd in heel Londen. Volgens demografen waren er zeker 30.000 nieuwbouwwoningen extra nodig geweest. Net als Parijs, Stockholm, Wenen en Amsterdam wordt er in de Britse hoofdstad apert te weinig gebouwd – veel minder dan de krachtige vraag zou doen vermoeden.

Opvallend is ook het enorme verschil met de andere Britse steden. In het noorden van Groot-Brittannië zijn de prijzen bijvoorbeeld helemaal niet gestegen. De kloof tussen de hoofdstad en de rest van het land groeit snel. Het Parool: “In Liverpool worden verkrotte woningen voor slechts één pond verkocht. In Blackpool, aan de kust, zijn huizen met twee slaapkamers te koop voor 50.000 pond, tien procent van wat zo’n huis in Londen opbrengt.” Sterker, hoe hoger de vraagprijs van een woning in Londen, hoe sneller deze verkocht wordt. Er woeden zelfs biedingenoorlogen in de voorsteden. Wat verklaart deze extreme druk op de Londense woningmarkt? Het is gebrek aan bouwgrond en een sterke concentratie van hoge inkomens. Een ruimtelijke politiek van extra woningbouw ontbreekt. De Britse regering laat het gewoon gebeuren, nee ze verergert de situatie door haar ‘Help to Buy’-regelingen. Afgelopen week schreef The Guardian over de rampzalige gevolgen voor de starters op de Londense woningmarkt: “It feels like such a backwards step, not just in terms of cramped living conditions, but in the way men and women interact, and in the way their children will grow up. What else were the 60s for but ensuring the 50s never happened again?”

Tagged with:
 

Te kleine grote steden

On 31 oktober 2013, in benchmarks, by Zef Hemel

Gelezen in ‘ESPON atlas’, Luxemburg (2013):

In de onlangs verschenen ‘Territorial Dimensions of the Europe 2020 Strategy’ (2013) van ESPON wordt de groeistrategie van de EU tot 2020 territoriaal vertaald naar regio’s en steden. De atlas toont de eerste resultaten sinds 2010. Ze verschijnt midden in de crisis die Europa uitzonderlijk hard treft. Drie prioriteiten staan tot 2020 in Europa centraal: smart growth, sustainable growth, inclusive growth. Doelen zijn bijvoorbeeld: 75% van de beroepsbevolking heeft werk, 3% van het bruto binnenlands product wordt besteed aan R&D, 20% reductie van CO2 uitstoot, schooluitval lager dan 10%, 20 miljoen mensen minder onder de armoedegrens. Worden ze gehaald? Die vraag wordt niet direct beantwoord. De atlas wil vooral een regionale benchmark zijn, waarschijnlijk bedoeld om regio’s en steden binnen Europa op te jutten. Wie wil niet de ‘slimste regio’ van Europa zijn? En welke stad wil niet de duurzaamste zijn? De atlas brengt de eerste resultaten in beeld.

Niet verbazingwekkend is het algemene beeld: er is sprake van een duidelijke scheiding tussen Centraal-Noord Europa en de rest. Terwijl de eerste de doelen nadert, raakt de tweede er steeds verder van verwijderd. Ronduit schrikbarend is het grote aantal drop-outs op scholen in de grote steden van Spanje; percentages tot 40 procent treft men daar aan. In Finland en Ierland daarentegen is schooluitval vrijwel nihil. Op het gebied van ‘smart growth’ presteren de Nederlandse regio’s helemaal niet goed. Uitgaven aan R&D zijn het hoogst in Zwitserland, Zuid-Duitsland, rond Praag en Wenen. Ook Stockholm, Malmö, Finland, Toulouse en Zuidoost Engeland (rond Londen) spenderen veel middelen aan onderzoek. Nederland niet. Alleen Brabant kan zich meten met de groten. Echter, ten opzichte van 2003 zijn in alle Nederlandse regio’s – ook Brabant – de uitgaven aan R&D sterk teruggelopen. Alleen op het terrein van arbeidsaanbod op het gebied van wetenschap en technologie doen Randstad, Utrecht en Gelderland nog volop mee met de top. De atlas constateert hier een duidelijke concentratie in de grote steden. Londen echter telt veruit de grootste concentratie hoogopgeleide jongeren van heel Europa, met een percentage van 66 procent in het centrum. Daarna volgt Parijs. Conclusie? Voor ‘smart growth’ moet je niet in Nederland zijn. Onze grote steden zijn gewoon te klein.

Tagged with: