Unequal geography

On 31 oktober 2014, in economie, by Zef Hemel

Gelezen op CityLab (The Atlantic) van 20 oktober 2014:

Are big successful cities the new normal?” Dat vraagt de Canadees-Amerikaanse economisch geograaf Richard Florida zich af naar aanleiding van nieuw onderzoek van Josh Lehner naar werkgelegenheidsgroei tussen 2007 en 2013 in Amerikaanse steden. Een artikel van zijn hand stond onlangs te lezen op CityLab. De bestudeerde periode betreft die van de economische crisis, die volgens Florida een ‘great reset’  is waarin alles anders wordt. Wat er zoal anders is geworden? Volgens Lehner, werkzaam bij het Oregon Office for Economic Analysis, zijn het de sterker wordende agglomeratievoordelen. Alle Amerikaanse steden, schrijft hij, werden hard geraakt in de eerste jaren van de crisis, maar daarna veerden ze op. Echter, vooral de grote steden met meer dan 1 miljoen inwoners creëerden toen meer banen, beduidend meer dan de kleinere steden.

Bezien over een langere periode blijkt dat tot 1995 de kleinere steden nog relatief meer banen schiepen dan de grote, maar daarna verandert dit. Tot 2008 doen de grote het niet slechter dan de kleine, waarna de grote metropolitane gebieden consequent beter gaan presteren. Die tussenperiode van gelijke groei was volgens Lehner het gevolg van de door de Amerikaanse overheid aangejaagde hypotheekmarkt met goedkope leningen, waarvan vooral de kleinere steden profiteerden en die ook mensen uit de steden heeft weggezogen. Maar in de crisis houdt deze bevoordeling op. Dan wordt zichtbaar dat de grote metropolen het gewoon beter doen. Lehner wijt dit aan hele sterke agglomeratievoordelen. Florida: “Larger metros, it seems, are the main beneficiaries from the ongoing clustering of talent, industry and investment that are part and parcel of our increasingly spiky and unequal geography.” Het is nog even wennen. VINEX bevoordeelde de kleinere steden in ons land, maar de grote steden presteren economisch gewoon beter. Jammer alleen dat onze grote steden relatief klein zijn. Waren ze groter, dan had onze economie het beter gedaan.

Tagged with:
 

Cooperate!

On 30 oktober 2014, in cultuur, economie, onderwijs, by Zef Hemel

Gelezen in ‘The Idiot’ (1868) van Fjodor Dostojevski:

IJ-prijs uitgereikt aan André van Stigt


Hoe werk je goed samen? Ik geef er vandaag een lezing over in Utrecht, bij COOPERATE! Moest bij de voorbereiding terugdenken aan de uitreiking van de IJ-prijs 2014 aan architect André van Stigt op 22 oktober in De Hallen, Amsterdam. Bij die gelegenheid viel me op hoe de generatie van 1968 nog altijd behoefte heeft aan conflict – en dit conflict ook bewust opzoekt – om zelf goed te kunnen presteren. De helden worden geboren door de schepping van halsstarrige autoriteiten, slappe bureaucraten en dom klootjesvolk. Zonder tegenstand lukt het de babyboomers niet. In die zelfverkozen strijd zou het beste naar boven komen in de mens. Leve de winnaars, leve de uitzonderlijke prestaties van de bijzondere enkeling! Directieven naar beneden die voortkomen uit geringe dunk over anderen of, omgekeerd, hoge eigendunk, hangen ermee samen. Wat een verschil met de komende generatie Amsterdammers, die het conflict niet meer nodig heeft om goed te kunnen presteren en die gewoon soepel weet samen te werken. Is het werkelijk zo moeilijk om anderen te prijzen? Echte samenwerking komt eruit voort.

Het deed me denken aan Fjodor Dostojevski. In zijn roman ‘The Idiot’ (1868) reist Prins Misjkin naar Petersburg, de toenmalige hoofdstad van het Russische rijk. Doel: de Russische samenleving redden. Geen van de inwoners van Petersburg is namelijk in staat tot iets goeds. Iedereen liegt, bedriegt, jaagt op geld, is bezeten van macht, roem en aanzien, staat elkaar naar het leven. Niemand weer iets op te bouwen door met anderen samen te werken, alles is conflict. Het hoogste wat je in deze samenleving kunt bereiken is generaal worden. Alleen door bevelen te geven kan iets gezamenlijks tot stand worden gebracht. Prins Misjkin is anders. Hij is goed. Hij is een held. Het kostte Dostojevski veel moeite, schreef hij later, om deze inherent goede mens, naar het evenbeeld van Jezus, in de roman op te voeren en te laten acteren. Goed zijn is ook zo ontzettend moeilijk. Lukte het onze held om het verdorven Rusland van de ondergang te redden? Niet dus. De mensen, ze veranderden niet. En Prins Misjkin, de held in het verhaal, vonden ze maar een naïeve man, een simpele ziel, een idioot. Helden of idioten, in een wereld van conflicten is de grenslijn tussen beide flinterdun.

Tagged with:
 

Expat Valley

On 29 oktober 2014, in wonen, by Zef Hemel

Gelezen in BDW van donderdag 8 oktober 2014:

Belview

Langzaam verval sloop in de oude patriciershuizen in de elegante Brusselse wijk rond het Berlaymont – een oud nonnenklooster bij de eindhalte van de tram uit Tevuren. Al die mooie herenhuizen gingen vanaf de jaren zestig tegen de vlakte om plaats te maken voor betonnen kolossen voor de Europese Unie. Rond de Etterbeeksesteenweg kwam de zogenaamde ‘Europese wijk’ tot stand. In ‘Arm Brussel’ schreef Geert van Istendael het al: met Brussel komt het nooit meer goed. Jan Tromp bezocht de wijk ruim een jaar geleden samen met Van Istendael, een gedistingeerde man die, schreef hij, van binnen broeide, om de nieuwbouw van het Europese parlement en de rest van de wijk te bekijken. Van Istendael broeide vanwege het vandalisme, de afbraak, de lelijkheid. Afgelopen week liep ik er ook. Ik moest aan het artikel van Tromp denken: “Gewone winkels als een groenteman of een zaak in lampenkappen zijn amper te vinden in het Europees kwartier. In plaats daarvan wemelt het van de bistro’s, brasserieën, cafés, coffeeshops, restaurants, bars, tavernes, traiteurs, lunchrooms.” Verder alleen anonieme kantoren. En als het parlement in Straatsburg vergadert is het er stil, doodstil.

Nu las ik in een Brussels huis-aan-huisblaadje dat het weer goed zou gaan met de wijk. Aanleiding: de oplevering van de Belview-woontoren met 260 appartementen aan de Etterbeeksesteenweg. Juist de afgelopen jaren zijn de laatste gaten opgevuld met woningen, althans langs de ‘residentiele as’. Het Gewest, wakker geschud door de negatieve geluiden uit de buurt, had de ambitie om woningen te bouwen opgenomen in haar Richtschema van 2008. Sindsdien werden hier duizend nieuwe appartementen gebouwd, deels in open gaten, deels in leegstaande kantoorgebouwen. Dat wonen brengt weer leven in de wijk. Niet dat de ontwikkelaars aanvankelijk stonden te trappelen. Maar gelukkig ging het slecht met de kantorenmarkt. Jammer alleen dat de dure woningen alleen door expats worden bewoond. Of zoals een Brusselaar zei: “Het voelt hier niet echt als Brussel. Dit kon evengoed New York of Hong Kong zijn.” BDW noemt het ‘Expat Valley’. En Inter-Environnement Bruxelles wijst erop dat de woningen voor rijke inwoners van de Emiraten zijn die zich in Brusselse ziekenhuizen laten opereren. Een groenteman in de straat krijg je daar niet mee terug.

Tagged with:
 

Big business

On 28 oktober 2014, in onderwijs, by Zef Hemel

Gelezen in The New York Times van 22 maart 2010:

nyu new york university campus expansion 2031 plan 

Een tweede casus in de Masterclass Stedenbouw New York 2015 wordt die van New York University. Ook deze Amerikaanse universiteit wil fors uitbreiden, en wel met veertig procent. De campus in Greenwich Village krijgt een nieuwe toren aan Bleecker Street (naast die van I.M.Pei, daterend van 1966) plus drie miljoen square feet vastgoed: collegezalen, studentenkamers en kantoren. Daarnaast wil NYU haar Tech Campus in Brooklyn grondig bij de tijd brengen door de gebouwen geschikt te maken voor interdisciplinair werken. Waarom uitbreiden? Tussen 1991 en 2001 verdrievoudigde het aantal studenten dat op de campus woont; in 2031 zal het totaal aantal studenten zijn gegroeid tot 46.500 (in 2010 was dit 41.000), maar een steeds groter deel komt van buiten New York. Per student heeft N.Y.U. op dit moment minder vierkante meters beschikbaar dan Columbia (240 square feet tegenover 326). “For New York to be a great city, we need N.Y.U. te be a great university,” zei president Sexton van de universiteit. Alle nieuwbouw moet op maximaal 10 minuten lopen plaatsvinden van Washington Square. De buurtbewoners zijn echter fel tegen. Het gebied rond Washington Square achten zij monumentaal; het programma dat de universiteit wil toevoegen staat gelijk aan een extra Empire State Building. Dat willen ze niet. De universiteit wil nu de helft van het programma dicht bij de campus bouwen, de andere helft op afstand. Zal het haar lukken?

Het campus plan NYU 2031 is inmiddels weliswaar door de stad New York geaccepteerd, maar ze werd direct aangevochten door verschillende bewonersorganisaties. In januari 2014 gaf de rechter de bewoners gelijk in hun mening dat de universiteit met haar plan om vier torens te bouwen illegaal drie parken had ingelijfd, waarop de universiteit hoger beroep aantekende. “Look at the design – it’s like something out of a Japanese horror movie,” schreef iemand in The Villager over Hotel Z, de nieuwste toevoeging aan ‘the parade of NYU horribles.’ Op 14 oktober 2014 stelde de rechter de universiteit in het gelijk, maar tussen de bewoners en de universiteit komt het nooit meer goed. Die gaan nu in beroep. Ondertussen bouwen de concurrenten stevig door. “Education is a big business in New York,” zei onlangs Richard Anderson, voorzitter van The New York Building Congress. De komende vijf jaar zal er bijna 10 miljard dollar worden geinvesteerd in deze sector in de stad. Ter vergelijking: in de afgelopen vijf jaar was dit 4,2 miljard. Inderdaad, dat is ‘big business’.

Tagged with:
 

A sprawling city-within-a-city

On 27 oktober 2014, in onderwijs, by Zef Hemel

Gelezen op ‘Manhattanville in West Harlem’ van Columbia University:

Columbia University gaat uitbreiden. De oude universiteit op Manhattan, New York, beschikt over beduidend minder vierkante meters per student dan andere topuniversiteiten. Harvard in Boston heeft bijvoorbeeld het dubbele aantal vierkante meters, Princeton en Yale hebben elk een derde meer ruimte. Ook andere Amerikaanse universiteiten bouwen op dit moment nieuwe campussen: University of California, San Francisco; Yale University; University of Pennsylvania; University of Michigan. De Ivy League universiteit in New York, de op vier na oudste van het land, kan dus niet achterblijven. Echter, Columbia is gesitueerd in West Harlem, met als hoofdzetel Morning Heights campus. Dat is midden in de dicht bebouwde metropool. Ze heeft haar oog laten vallen op een stuk grond van 17 acres ten noorden van Morning Heights, tussen de Hudson rivier en St. Nicholas Avenue, ter hoogte van 120ste tot en met de 135ste straat. Het West Harlem Master Plan (2002) maakt hier een nieuwe ontwikkeling mogelijk. Afgezien van 135 appartementen in het noordelijke puntje wonen er verder geen mensen. Het gebied bestaat hoofdzakelijk uit benzinestations, garages en parkeerplaatsen plus enkele metaalverwerkende bedrijfjes. De universiteit heeft al 80 procent van de grond in handen.

Even nog had Columbia overwogen om met delen van de universiteit de stad te verlaten. Ze besloot het uiteindelijk niet te doen omdat ze besefte dat ze haar identiteit en haar kernkwaliteiten voor een groot deel aan New York ontleent. Sindsdien echter wil de universiteit zo dicht mogelijk bij de bestaande campus bouwen. Aanvankelijk had ze haar oog laten vallen op 9 acres grond tussen West 59th en West 62nd Straat, maar dat bleek toch te ver verwijderd van Morning Heights en ook te klein. Manhattanville werd de oplossing. Renzo Piano en SOM tekenden het master plan: “a sprawling, city-within-a-city”. Het bouwvolume omvat 6,8 miljoen square feet; de investering bedraagt 6,3 miljard dollar. Juni 2010 won de universiteit een proces, aangespannen door een aantal vastgoedeigenaren in het gebied die hun eigendommen niet onder druk van de staat aan Columbia wilden verkopen. In het hoger beroep meende de rechtbank echter dat New York State juist had gehandeld. Manhattanville is een ‘blighted area’ en de universiteit een ‘civic institution’. Daarmee kwam de weg vrij voor Columbia om te gaan bouwen. Ze wordt een van de drie casus tijdens de Masterclass Stedenbouw New York 2015 van de gemeente Amsterdam.

Tagged with:
 

Rich non-doms

On 24 oktober 2014, in economie, wonen, by Zef Hemel

Gehoord in Londen op 15 oktober 2014:

Resi demand e c harris

Heb vorige week een lezing over Amsterdam gegeven op de Inaugural Cities 2014-conferentie van Marketforce. Locatie: 1 Whitehall Place, Londen. Er waren veel burgemeesters en wethouders van Britse steden aanwezig: Bristol, Leeds, Glasgow, Newham, Peterborough, Cambridge, Sunderland, Plymouth, Stoke-on-Trent. Geen spoor van een economische crisis in Groot-Brittannië. De (leen)economie draait hier weer op volle toeren; die doet het zelfs beter dan die van Duitsland. Het voedt hier ook het politieke idee om de Europese Unie dan maar te verlaten. Dat het Verenigd Koninkrijk het economisch zo goed doet heeft twee duidelijke redenen: ze heeft een eigen munteenheid en ze heeft Londen. Door de Engelse pond kan de Britse economie veel sneller reageren op schommelingen in de wereldeconomie. En met het financiële centrum Londen heeft het land een enorme economische motor in huis waar het hele eilandenrijk sterk van profiteert.

En dat het goed gaat met Londen moge duidelijk zijn! Afgelopen week werd bekend dat in de Britse metropool een bizar aantal luxueuze appartementen in aanbouw is genomen. De waarde ervan wordt geschat op in totaal 60 miljard Britse ponden, een groei van 20 procent ten opzichte van 2013. In de planning staan nog eens 25.000 luxe appartementen. Volgens EC Harris zal echter vijftig procent vertraagd of helemaal niet worden opgeleverd. Er is namelijk een groot tekort aan bouwvakkers. “Developers in London are starting to dig deep and pay premiums to contractors in a race to get schemes built while demand remains high.” Anders gezegd: “There is simply not the capacity out there to meet demand.” Dat geeft wel aan dat men de crisis hier ver voorbij is. Is het een probleem? De gewone Brit ligt er niet wakker van. Die kan zelf geen woning in Londen bemachtigen. Wat er te huur of te koop staat is voor hem of haar veel te duur. Dus waarom treuren om al die dure nieuwe condo’s die niet of sterk vertraagd gebouwd worden? In de Time Out London las ik: “Great. Now where are rich non-doms meant to buy for the purpose of not living, huh?”Rich non-doms, die kende ik nog niet.

Tagged with:
 

Climate Apartheid

On 23 oktober 2014, in economie, politiek, regionale planning, by Zef Hemel

Gelezen in NRC Handelsblad van 2 september 2014:

Het stond helemaal op het eind van het artikel. “Alleen in Lagos nam het aantal armen de afgelopen tien jaar af, van 44 naar 23 procent.” In ‘Afscheid van verslaving aan gemakkelijk geld’ berichtte Afrika-correspondent Koert Lindijer over de recente ontwikkelingen in Nigeria. Dit Afrikaanse land, dat 270 miljoen inwoners telt, is sinds 1959 rijk gezegend met aardolie en zit daarmee opgescheept met ‘gemakkelijk geld’. Een economie ontwikkelen is dan geen sinecure. Pas de laatste decennia maakt het land een omslag naar de particuliere sector. De regering wil met het verleden breken. Maar corruptie blijft een groot probleem. Ook de welvaartsverschillen zijn gigantisch: tachtig procent van de welvaart is in handen van slechts één procent van de bevolking. De helft van de Nigerianen leeft onder de armoedegrens. In het noorden van het land is dit zelfs 70 procent; hier strijdt de Islamitische terreurgroep Boko Haram.  Maar in Lagos, met 20 miljoen inwoners de grootste stad van het land, is die armoede dus dramatisch gedaald.

Lindijer begint zijn reportage met de bouw van de futuristische stad Eko Atlantic voor de kust van Lagos. Dit 4,6 miljard euro kostende project op opgespoten land wordt met privaat geld gebouwd, in samenwerking met de deelstaat Lagos. De nieuwe stad komt in het artikel verder niet voor. Lagos wel. Die stedelijke economie is de op drie na grootste van heel Afrika. En Eko Atlantic is een initiatief van de stad zelf, mede bedoeld om de kust tegen erosie en klimaatverandering te beschermen en Lagos te laten groeien tot 25 miljoen inwoners in 2015. In de Britse krant The Guardian las ik in een artikel van Martin Lukacs dat het hier een initiatief van een paar Libanese broers betreft, die extreem rijk zijn geworden tijdens het militaire bewind en nu groot geld willen maken. “Meanwhile, thousands of people who live in communities along the coast expect the new city will bring displacement, not prosperity.” Eko Atlantic wordt volgens hem een enorme geprivatiseerde groene enclave voor de ultra-rijken, temidden van slums waar de armen leven. Lukacs noemt het een voorbeeld van ‘climate apartheid’. Desalniettemin, het armoedecijfer in Lagos is ondertussen dramatisch gedaald.

Tagged with:
 

Beter bestuur

On 22 oktober 2014, in bestuur, participatie, by Zef Hemel

Gehoord in Brussel op dinsdag 7 oktober 2014:

European Parliament Open Days

Circa dertig bestuurders uit de Amsterdamse metropoolregio togen naar Brussel voor deelname aan de Open Days van de Europese Unie. Zij kwamen niet alleen. Tijdens de Open Days reizen namelijk jaarlijks vertegenwoordigers uit vrijwel alle regio’s en steden van de lidstaten af naar de hoofdstad van de EU voor deelname aan een afwisselend interactief programma. De straten van Brussel waren de afgelopen week dan ook gevuld met veelal keurig geklede heren en dames met badges, op zoek naar restaurant, hotel of congrescentrum. Jaarlijks luistert de Commissie vijf dagen lang naar de honderden steden en hun bestuurlijke vertegenwoordigers over ervaringen en experimenten met nieuw lokaal beleid. Het is het resultaat van een nieuwe koers die de Weense Eurocommissaris Johannes Hahn tien jaar geleden heeft ingezet. En hij niet alleen. Ook commissaris Neelie Kroes en anderen luisteren tegenwoordig naar wat er in de verschillende stedelijke regio’s speelt. Het moet ook wel. Met regeringsleiders komen ze er niet meer uit. En van bovenaf Europees beleid opleggen werkt niet meer. De burgers komen hiertegen in opstand en stemmen met hun voeten. Er verandert ook te veel in de wereld. Innovatie binnen Europa vraagt om bottomup-processen. Er waait, kortom, een frisse wind door de EU.

Tijdens de ontmoetingen met ambtenaren van zowel DG regio, DG Innovatie als het kabinet van commissaris Croes viel op hoe ingrijpend veranderd de houding en de werkwijze zijn. De Brusselse ambtenaren laten zich niet meer voorstaan op hun bureaucratische efficientie, hun toon is veel zachter geworden, begrijpender, empatischer, de betrekkingen zijn horizontaler. Hard beleid maken in Brussel, de verantwoordelijkheid voor de implementatie bij de regeringen leggen en het toezicht op naleving weer vanuit de hoofdstad van de EU regelen, ze geloven er zelf niet meer in. Armoede, duurzaamheid, veiligheid, ze vergen aanpassingen van de systemen. Om complexe continentale systemen te veranderen moet juist van onderop worden gewerkt, en niet meer vanuit het lobbycircuit in dat ene machtscentrum. Zoals een van de ambtenaren het zei, Brussel wordt een ‘bibliotheek’ van de Europese Gemeenschap, waar alle kennis, visies, best practices en ervaringen worden gedeeld. Ze wordt open, publiek, transparant, horizontaal. Ik moet het Den Haag nog zien doen.

Tagged with:
 

Regionale governance

On 21 oktober 2014, in bestuur, regionale planning, by Zef Hemel

Gehoord in Brussel op woensdag 8 oktober 2014:

METREX Logo

Maakt regionale samenwerking iets uit? Een van de sprekers op het recente METREX-congres in Brussel, Rudiger Ahrend van de Organisation of Economic Cooperation and Development (OECD), had ruim tweehonderd grootstedelijke regio’s op hun samenwerkingsmodellen geanalyseerd. Vijfendertig procent van de bestudeerde regio’s kende alleen een informele samenwerking, 17 procent een intergemeentelijke, 9 procent een supra-gemeentelijke, niet meer dan 5 procent (Azië) een metropolitane samenwerking. Vierendertig procent van de bestudeerde regio’s kende überhaupt geen samenwerking. Waar van samenwerking sprake is, blijkt deze vooral plaats te vinden op terreinen van regionale economische ontwikkeling, regionaal transport en ruimtelijke ordening. Twee derde van de regionale samenwerkingsverbanden heeft betrekking op alle drie de terreinen. Lager scoorden waterbeleid en afvalbeleid, dan cultuur, ten slotte gezondheidszorg. En? Maakt het wat uit?

De OECD constateerde hogere economische productiviteit, minder suburbanisatie en grotere tevredenheid van burgers waar sprake is van goede regionale samenwerking. Hoe beter en formeler deze is geregeld, hoe beter ook de prestaties. Fragmentatie van de governance blijkt in alle opzichten slecht voor een gebied. Overleg is weliswaar ingewikkeld en vergt veel tijd, maar het loont. Hoe efficiënter dat overleg, hoe gunstiger dit weer is. Bij verdubbeling van het aantal betrokken gemeenten verliest de grootstedelijke regio liefst circa 6 procent aan productiviteit. Ahrend benadrukte dat het hier niet alleen om economische prestaties gaat. Het belang van governance op metropolitane schaal doet zich gelden op elk maatschappelijk terrein. En toen, helemaal op het eind, kwamen zijn belangrijkste lessen. Rivaliteit tussen gemeenten en steden, aldus Ahrend, werkt ongunstig; van bovenaf  samenwerking opleggen creëert lege hulzen; de bereidheid daartoe kan alleen van onderop groeien; ze vereist bovenal inspirerend leiderschap.

Tagged with:
 

More of less autonomy?

On 20 oktober 2014, in bestuur, duurzaamheid, by Zef Hemel

Gelezen in Het Parool van 10 oktober 2014:

Boris Johnson

Niet alleen Hongkong, ook Londen wil meer zeggenschap over haar eigen toekomst. Ik las het in Het Parool van 10 oktober jongstleden. Daarin werd gemeld dat burgemeester Johnson grotere autonomie voor zijn stad had bepleit. Het gaat hem om grotere zeggenschap over de belastinginkomsten. Op dit moment kan Londen, met tien miljoen inwoners, slechts 7 procent van de totale belastinginkomsten zelf besteden (voor Amsterdam is dit vergelijkbaar). Over de rest beslist het Britse parlement. “De gemeente Londen is in de huidige vorm niets meer dan een tussenstation van de centrale overheid.” Lokale democratie vereist invloed op de publieke middelen. Dat is nu niet het geval. Ook in vergelijking met andere wereldsteden heeft Londen weinig greep op zijn middelen. De grootstedelijke problemen wil het graag zelf oplossen, maar voor alles moet het de hand ophouden bij de regering. Stephen Syrett, hoogleraar aan Middlesex University, is het met de burgemeester eens. Maar, voegt hij eraan toe, “dat geldt ook voor Manchester, Leeds en de andere grote steden. De Britse overheid is erg gecentraliseerd. Dat is niet goed.”

In The Guardian stond diezelfde avond een artikel van de Brits-Amerikaanse socioloog Richard Sennett. Boodschap: “Our urban leaders’ belief in autonomy as the ultimate goal must be unset.” Als we de mondiale problemen als klimaatverandering willen oplossen helpt het denken over autonomie niet erg, stelde Sennett in ‘Why climate change should signal the end of the city-state’ (9 oktober 2014). “I’m not a gloomy pessimist, but I think the seductive idea of a place controlling its own fortunes is out of date.” We moeten, schreef hij, veel meer denken in termen van open systemen. Genetwerkte metropolen zijn een beter, complexer platform voor ons noodzakelijke denken en handelen. De stadstaat komt echt niet meer terug. “The urban challenge we face is how to live more openly, in the sense of adknowledging and coping with disorder.” Sennett heeft gelijk, maar Johnson denkt ook heus niet dat hij de problemen allemaal zelf kan oplossen. Die zijn, zeker in het geval van Londen, gewoon te groot en te complex. Maar het begint wel met meer speelruimte van onderop, dicht bij de realiteit. Alle steden gezamenlijk kunnen de wereld redden. Mits ze er door hun regeringen toe in staat worden gesteld.

Tagged with: